Reïncarnatie?!

door Rosita | aug 19, 2026 | Geen onderdeel van een categorie | 0 reacties

Noem mij maar de wind

Boven de plank met mijn kleurspullen hing een poster van een bos. Hij besloeg zo'n beetje de hele muur, en in mijn hoofd was dat bos groter dan het huis waar ik in woonde. Ik weet niet meer precies hoe oud ik was, ergens tussen de vijf en de acht. Ik was er vaak alleen op die kamer. Alleen, en toch nooit in mijn eentje.

Ik zat op mijn krukje en staarde net zo lang naar die bomen tot ze opengingen. Dan stapte ik erin. Daar liepen kabouters tegen de stammen aan, daar zat een oudere vrouw op het tweede krukje mee te doen met mijn postkantoortje. Ik vond dat niet eng en ook niet bijzonder. Ik vond het logisch.

Mensen vragen me weleens of ik het vroeger al had. Ik zeg dan nee. Ik heb geen enkele herinnering aan gesprekken met overleden dierbaren, ik heb herinneringen aan een fantasiewereld waarin ik me omhuld voelde. Die fantasie is nooit weggegaan. Ze is later gewoon mijn werkinstrument geworden, want de spirituele wereld gebruikt precies dat vermogen om beelden in mijn hoofd te plaatsen. Beelden die vervolgens één op één blijken te kloppen.

De walkman op de bank

Ergens rond mijn twintigste ging ik zoeken. Dat begon op forums, in een tijd dat iemand nog een cd voor je brandde en die in een envelop op de post deed. Ik kreeg vijf meditaties opgestuurd, legde me half op de bank en zette mijn discman op.

De eerste ging over een kundalini awakening, geloof ik. Van die energiebal onderin mijn lichaam heb ik niets gemerkt. Wat er wel gebeurde, is dat de stem en de muziek vervaagden en dat ik in een grijzige, aardeachtige omgeving stond. In de verte zag ik houten raampjes tegen rotsen aan, dezelfde kleur als de rotsen, bijna onzichtbaar. Naast me liep een man die me erop wees dat we daarheen moesten. Er kwam een oude auto aanrijden, we werden er zowat ingeduwd, en we reden door een grijs paneel dat er van dichtbij als een deur uitzag.

Achter dat paneel lag een plein vol kinderen. Honderd, misschien meer. Het moest snel en het was geheim, dat wist ik gewoon. Ik legde mijn hand op hun hoofden en aaide ze, en elke keer als ik keek, zag ik dat mijn hand harig was. Grote, harige mannenhanden. Toen haalde de stem in mijn oren me terug.

Ik schreef alles op en stuurde het naar de vrouw van dat forum. Haar eerste reactie kwam binnen als een deur die dichtsloeg: dat is je vorige leven, je hebt gezien wie je was.

Ik zei dat het niet voelde alsof ik het zelf was geweest. Het voelde of ik door de ogen van iemand anders mocht kijken. Iedereen op dat forum viel haar bij en vond mij eigenwijs. Ik ging die discussie niet winnen, dus ik liet het los. Wat ik overhield was dat vervelende, zakkende gevoel: zij hebben het allemaal, ik snap het blijkbaar niet, ik ben zeker niet goed genoeg.

Noem mij maar de wind

Later zat ik in een cursus intuïtieve ontwikkeling. Keiharde muziek, van die earth tones waar ik jaren later nog naar heb gezocht. Ik liet me erin zakken en daar stond een indiaanse man met een grote tooi, ontbloot bovenlijf, littekens die op brandwonden leken. Ik liep achter hem aan zonder dat ik me afvroeg waarom.

Ineens stopte hij. Hij stond precies voor me, zodat ik niet kon zien wat achter hem lag. Toen opende hij zijn arm en kon ik langs hem heen kijken. Beneden stonden hele valleien in brand en over dat vuur trok de wind, dezelfde wind die op dat moment overal om mij heen was.

Hij zei: noem mij maar de wind.

Ik kwam terug in de kring en vertelde braaf wat ik had gezien. Het antwoord was: dat is je vorige leven, jij bent indiaan geweest, en die man was je echtgenoot. Klaar. Platgeslagen. Ik heb nog voorzichtig geopperd dat het misschien een gids kon zijn, ik voelde tenslotte altijd al wind om me heen. Nee dus.

Vanaf dat moment hield ik mijn mond. Jarenlang.

Wat ik in de bibliotheek vond

Mijn mond houden betekent bij mij zelden dat ik stop met zoeken. Ik ging naar de bibliotheek en kopieerde alles bij elkaar wat ik over reïncarnatie kon vinden, soms een halve bladzijde, soms een hoofdstuk.

Wat ik toen ontdekte, vind ik nog steeds opvallend. De reïncarnatiegedachte komt uit geloofsstromingen die geen leven na de dood kennen zoals wij dat kennen. Geen hemel, geen spirituele wereld waar je aankomt en blijft. Je gaat dood en je komt direct terug in een ander lichaam. Via de zijderoutes, samen met de specerijen, is dat idee naar het westen gekomen en hebben wij het overgenomen alsof het altijd van ons was.

Kijk je naar het moderne spiritualisme van zo'n tweehonderd jaar geleden, dan zie je twee stromingen die precies op dit punt uit elkaar liggen. Op het Europese vasteland de spiritisten rond Allan Kardec, die reïncarnatie omarmden. Aan de Engelse en Amerikaanse kant het spiritualisme, waar je het nauwelijks terugleest. Andrew Jackson Davis schreef over natuurwetten waarin evolutie altijd doorgaat, waarin de ziel doorgaat. Emma Hardinge Britten kreeg in trance van Robert Owen principes door die precies datzelfde zeggen: de ziel ontwikkelt eeuwigdurend.

De eeuwigdurende ontwikkeling van de ziel is iets heel anders dan zestienduizend keer terugkomen in een lichaam.

Die kinderen in dat boekje

Ik heb ooit een dun boek gelezen met een stuk of twintig verhalen van kinderen die vertelden over een vorig leven. Ze noemden dorpen, ouders, de plek waar ze waren gestorven en waar ze begraven lagen. Vaak ging het over eenzaam of gruwelijk overlijden.

Ik las het en dacht: wat mooi dat die informatie zo makkelijk bij hen binnenkomt. Dat zouden wij als medium toch willen? Aan het einde van elk verhaal stond dan de conclusie: dit was hun vorige leven.

Terwijl ik alleen maar dacht aan de familie die bereikt wilde worden.

Een kind heeft dat cognitieve een-plus-één-brein nog niet aanstaan. Het zit nog in die wereld waarin de poster opengaat. Als jij als medium een overledene ontvangt, kan het voelen alsof jij die overledene bent, met alle emoties erbij. Wij huilen daar als volwassenen soms om. Waarom zou dat bij een kind ineens iets anders zijn? Laat die kinderen alsjeblieft in hun eigen beleving, vul het niet voor ze in, en laat ze huilen als ze willen huilen.

Een vraag aan de regressietherapeuten

In mijn lessen zitten regelmatig hypnotherapeuten en regressietherapeuten, en zij verdedigen deze theorie het felst. Dat snap ik, het is hun vak en hun inkomen.

Toch leg ik het ze graag voor. In hypnose kom je in onbewuste lagen terecht, en alles vanaf de conceptie zit daarin opgeslagen. Herinneringen uit de baarmoeder, ervaringen uit je eerste jaren, dingen die je hebt gevoeld toen je nog niet eens kon praten. Hoeveel herinneringen uit je vroegste jeugd kun jij zelf ophalen zonder dat iemand ze je heeft verteld?

Stel dat je als baby een gids heel dichtbij hebt gevoeld. Stel dat er een overleden dierbare aan je bedje stond. Je hebt het nooit kunnen benoemen, maar het zit in je vezels. Komt dat later in hypnose naar boven, dan voelt het alsof het niet van jou is, alsof je naar iemand anders kijkt. Precies zoals ik door die harige handen keek.

En dan plakken we er een vorig leven op.

De avond dat Daniel het uitlegde

Fysiek mediumschap vond ik in eerste instantie eng en behoorlijk onzinnig. Ectoplasma, stemmen, ik was er veel te nuchter voor. Inmiddels ben ik er gek op, juist omdat het medium zich er compleet buiten houdt.

Ik zat in een séance van Scott Milligan. Hij was diep weggezakt in trance en zijn gids Daniel sprak. Ik had door de jaren heen een leuke band met Daniel opgebouwd; hij kwam altijd even naar me toe en haalde dingen op die we eerder hadden gedeeld.

Twee dagen daarvoor had ik weer eens een stevig gesprek over reïncarnatie gehad. Zo'n gesprek waarin ik het stempel krijg dat ik kort door de bocht ben en niet aardig. Ik zat daar dus met een licht opgefokt gevoel en de stille smeekbede: begin er nou niet over.

Daniel begon erover.

Hij zei dat hij voelde dat er een vraag speelde en dat hij die ging beantwoorden. Hij vertelde over zijn eigen medium, over Scott, die als jonge jongen in meditatie steeds zichzelf zag vechten op een slagveld met een zwaard. Scott had daar zelf het label vorig leven op geplakt, zonder er verder over na te denken.

Dat verhaal, zei Daniel, hebben wij ontkracht. Reïncarnatie is namelijk helemaal geen ding. Wat Scott zag, was een van zijn gidsen die hem liet zien welk leven hij had geleefd.

Ik zat daar te knikken alsof mijn hoofd loszat. Daniel ging door: wat jij ziet en voelt heb je altijd goed gezien, je bent mediumiek, die kinderen zijn mediumiek, en iedereen die dit soort beelden krijgt kijkt naar de levens van zijn eigen team van gidsen. Ze laten zich zien om kennis te maken. Om samen iets op te bouwen, omdat je met elkaar gaat werken.

Ik heb alleen maar zitten huilen. Niet een beetje, ik was echt van slag. Daar zat een gids die via ectoplasma stembanden had laten bouwen om te kunnen praten, en die beantwoordde de vraag waar ik al jaren mee liep.

Ze zijn bij me. En ze laten zien dat ze bij me zijn.

Waar mijn gidsen het wel over hebben

Mijn eigen gidsen spreken via mij ook over de ontwikkeling van de ziel. Ze hebben het over doorgroeien op manieren waar wij geen idee van hebben, en over plekken in de spirituele wereld waar je ervaring kunt opdoen. De aarde is er daar één van. Ze hebben de Plejaden genoemd en ze hebben Atlantis genoemd.

Reïncarnatie betekent letterlijk opnieuw in vlees gekomen. Dát blijkt niet te gebeuren. Er zijn andere ervaringen, op andere plekken, in andere vormen van leven.

Ik vind dat zoveel logischer klinken. Ik wil gewoon contact met mijn oma kunnen maken zonder dat iemand me vertelt dat ze alweer ergens als baby ligt te brullen.

Blijf sceptisch, ook naar jezelf

Waar het me uiteindelijk om gaat, is dat we te weinig doorvragen. We horen iets van iemand die we bewonderen, we nemen het aan als waarheid en daarna denken we niet meer. We voelen niet meer en we onderzoeken niet meer.

Het grappige is dat je mij misschien tot hier heel serieus hebt genomen en vanaf nu vindt dat ik uit mijn nek lul. Dat mag. Ik heb mijn hele systeem in de loop der jaren meerdere keren moeten bijstellen, omdat de spirituele wereld iets anders zei dan ik dacht. Ik heb overtuigingen overboord gegooid waar ik jaren aan vasthield.

Bewijs me dat reïncarnatie bestaat, met iets anders dan een conclusie die iemand ooit heeft geroepen, en ik pas mijn beeld aan. Tot die tijd blijf ik luisteren naar de wereld waar ik voor werk, want ik noem die wereld intelligent en dan kan ik haar moeilijk aan de kant zetten zodra ze iets zegt dat mij niet uitkomt.

Het hele verhaal, met alle zijpaden en de stiltes die erbij horen, vertel ik in aflevering 89 van De Mediumschap Podcast. Ik hoor graag hoe jij hiernaar kijkt.

Stuur me een bericht, ik reageer altijd terug.

Rosita X

LEES OOK MIJN ANDERE BLOGS

Shopping cart0
There are no products in the cart!
Continue shopping
0